Fred's Corner

Vrijdag 13 april 2007

Kopen .....???

Lieve droezende clubgenoten, in deze verwarrende snotterige periode van min of meer gedwongen stilstand is er weinig aktie en aktualiteit om verslag van te doen maar daardoor juist meer ruimte voor overpeinzing en herinnering. Bovendien heb ik als aspirant bejaarde logischerwijze toch al meer verleden om op terug te kijken dan toekomst om naar uit te zien. Daarom ditmaal een kort kijkje in onze hippiese historie van zo'n zes jaar geleden, toen wij nog als herintredende manegeruiters door het paardenleven gingen

Ko is inmiddels zo onafscheidelijk met ons verbonden, dat wij ook zelf bijna zijn vergeten dat zij - heel kort - een voorgangster had. Alleen de fotohanger aan ons reserve kastsleuteltje bij Chris, achter de bar, vormt nog de kleinst mogelijke tastbare herinnering aan haar.

Hoe dat destijds allemaal zo gekomen is vertelt het verhaaltje hieronder:

Wat onzeker staan we voor het lage tuinhekje. Over het achterliggende erf komt de waakhond van dienst op ons toegerend. Dichterbij zien we aan zijn grijze snoet en de dito haren in zijn vacht, dat het moment van functioneel leeftijdsontslag reeds lang achter hem ligt. Plotseling lijkt hij dat ook zelf te beseffen. Na een korte blik op ons, draait hij zich om en verdwijnt weer met een licht schouderophalen. Nog steeds aarzelend openen we het hekje en lopen voorzichtig achter hem aan.

Een dag eerder, paardenvrienden, waren wij gearriveerd op de plaats van bestemming voor een "weekje weg". Een hotel dat fotogeniek ligt weggestopt tussen een bosrand en een meertje in een Noord-Duits gehucht, halverwege tussen Oldenburg en Wilhelmshaven. Die bestemming was het resultaat van een grillig besluitvormingsproces waarbij wij ons in eerste aanleg hadden geconcentreerd op folders vol witte stranden, azuren zeeën en groene palmen. Tot in een flits het besef post vatte dat het bereiken van dergelijk hemels op aarde minimaal 10 vlieguren heen en ook weer terug zou betekenen. Te veel, te lang, te ver voor één week vonden we plotseling. Hoe decadent blasé kan een mens in dit tijdperk van ongebreideldheid eigenlijk worden? Uit eerdere vakantieherinneringen doemde als alternatief plotseling het plaatje van dat hotel, dat bos enz. op. Drie uur in de auto, dat was te doen.

Tot de onwaarschijnlijke hoeveelheid bagage die wij bij autovakanties zelfs voor een week dwangmatig blijken te moeten meezeulen - de juffrouw met de weegschaal op Schiphol werkt in dat opzicht heel sanerend - behoorde uiteraard de tas met een jaar lang niet gelezen boeken. En verder onvermijdelijk onze paardrij-outfit. Op onze hotelkamer gearriveerd doken we dan ook onmiddellijk in het mapje met toeristische informatie, dat we naast de bijbel in een laatje van een bureau vonden. Op zoek naar een manege in de buurt. Voor paardenfans ligt immers de hemel op de rug van een paard.

De mondelinge routebeschrijving van de hotelreceptioniste had ons vervolgens op deze koude zaterdagochtend met enig zoekwerk naar dat tuinhekje in een villawijk gevoerd.

Achter het hek, oneigenlijk weg gepropt midden tussen vrijstaande huizen van Wassenaarse omvang, vonden we een klein manegebedrijf. Een L-vormig stallencomplex met 20 boxen, een kleine buitenring en een overdekte rijhal van - in onze verwende ogen - zeer beperkte afmetingen. Alles zeer gedateerd en no-nonsense functioneel maar smetteloos onderhouden. Achter een boerenwagen, die hier diende als mobiele mestopslag, maar schoongeboend op een trendy country-fair waarschijnlijk een vermogen zou opbrengen als boerenantiek, was een grijze gezette man bezig met een onduidelijke reparatie. Franz Baucksiepe: directeur, eigenaar, stalknecht, instructeur, parcoursbouwer, voorzitter van de locale rijvereniging, rijpaardenfokker, africhter en jurylid, zoals later uit onze gesprekken zou blijken. Een paardeman dus vanaf zijn besmeurde laarzen tot aan zijn Oost-Friese platte pet.

In de week die volgde waren we bijna dagelijks op zijn familiebedrijf - vader, moeder, zoon en schoondochter - te vinden. Om zelf te rijden of soms alleen maar even om tussen de paarden te zijn of om te zien hoe Franz van anderen, vooral jeugd, betere ruiters maakte. Toen hem snel duidelijk was dat wij niet op zoek waren naar louter toeristisch vermaak maar daadwerkelijk wilden leren, werden de uren die wij onder zijn hoede op de paardenrug doorbrachten tot intensieve trainingen. Korte – geen woord teveel - zacht uitgesproken aanwijzingen en vervolgens bij leermeester en leerling het plezier om de vooruitgang die ter plekke werd geboekt. Al bij de tweede les werden aan Syl en mij paarden uit de wedstrijdstal van de familie toevertrouwd. "Daisi" en "Regent", fantastische viervoeters, compleet met stuur- en rem-bekrachtiger en vederlicht te bedienen automatische versnellingsbak. Voor ons, ongeneselijke slachtoffers van het paardenvirus, werd het vanaf dat moment extra genieten. Tot.....Tot ons kort voor ons vertrek werd toevertrouwd dat beide dieren te koop waren. Ik hoor jullie alsnog denken: een truc, tactiek, doortrapte marketingstrategie van de onbetrouwbare beroepsgroep der paardenhandelaren. Toch denk ik beter te weten. De argumentatie en de gevraagde prijs waren toen, voor ons althans, overtuigende bewijzen van het tegendeel.

Maar vanaf dat ogenblik lag de bal wel bij ons. Nooit eerder hadden wij voor de keus van zo'n vakantiesouvenier gestaan. Emotie en ratio dwarrelen door elkaar. De discussie was gestart maar we hebben onszelf wel een bezinningsperiode gegund, en zijn voorlopig zonder volgeladen trailer teruggekeerd. Toch resteerde onontkoombaar de vraag: Kopen...?

Wordt vervolgd

 

 

 

 

 

Copyright © 2009 RV Heerhugowaard